Merten Mylemans, de benjamin in het gezin van Hendrick

Het nageslacht van Hendrick Mylemans in de periode tot 1800
Deel 7: Generatie 2, Martinus Mylemans

Paul Meylemans

 

Inleiding

Zo komen we bij het laatste kind van Hendrick Mylemans. Toch is dit nog niet het einde van deze reeks, want van sommige van Hendricks kinderen moeten we nog hun verdere nageslacht tot 1800 belichten. Dit artikel gaat over Martinus, de benjamin in het gezin van Hendrick.

In de onderstaande stamboom, die de samenstelling van Hendricks gezin in het jaar 1642 weergeeft, zien jullie over wie dit zevende deel gaat.

 

Figuur 1 Stamboom van de nakomelingen van Hendrick Mylemans anno 1642

 

Voor de betekenis van de gekleurde ringen naast de titels van de hoofdstukken verwijzen we naar de inleiding van het eerste artikel van deze reeks. Daar lees je ook wat de betekenis is van vetgedrukte namen in de lijsten met de kinderen van een persoon.

Het is ook raadzaam om bij het lezen van dit artikel de stamboom van De Myle Krant op Geneanet te raadplegen. Je kan ook achteraan dit artikel de stamboom van Merten Mylemans terugvinden.

Generatie 2

Het gezin van Merten Mylemans (°1624)
zoon van Hendrick

 

Hendricks zevende kind werd op 8 februari 1624 te Berlaar gedoopt en kreeg daarbij de naam Martinus. De Latijnse naam die de pastoor in het doopregister opschreef werd echter in zijn leven niet zo vaak gebruikt want de meesten noemden hem Merten. Laurentius Dieltiens is Mertens doopheffer.

 

Figuur 2 Doopakte van Martinus Mylemans

 

De transcriptie van deze tekst:

8 febr.
Baptizatus est Martinus filius Henri(ci)
Mylemans et Margarethae Clemmens
coniugum quy suscep. Laurentius
Dieltiens

Als vader Hendrick in december 1625 overlijdt is Merten een kindje van nog geen 2 jaar oud. Na het overlijden van Hendrick wordt diens broer Jan Mylemans aangesteld als voogd over de minderjarige kinderen uit het gezin van Hendrick en Margriet, waaronder dus onze Merten.

In 1636 overlijdt ook Mertens moeder Margriet Vande Wouwer. Hij is op dat ogenblik 11 jaar. Merten heeft als kind dus al heel wat meegemaakt.

Na 1636 duurt het even om tot een verdeling van de nalatenschap van Hendrick en zijn vrouw Margriet Vande Wouwer te komen. Die verdeling van de nalatenschap onder de 7 kinderen vindt plaats op 18 september 1642. Merten is dan een jonge volwassene van 17 jaar. Maar volgens de rechtsregels van zijn tijd is hij nog steeds minderjarig. Daarom wordt hij bij die verdeling vertegenwoordigd door zijn oom en voogd Jan Mylemans.
De broers Adriaen, Jan, Peeter en Merten Mylemans ontvangen uit die nalatenschap gemeenschappelijk het huis van hun ouders en het stuk grond waarop het staat. Zo blijven de jongste kinderen onder de hoede van hun oudere broers Adriaen en Jan, en kunnen ze in hun vertrouwde omgeving blijven wonen.

Als Merten 34 jaar oud is trouwt hij op 22 september 1658 te Lier met Maria Vercammen, ook wel Verkammen geschreven. Bij hun huwelijk zijn Gommarus Verresen en Joannes Bols getuigen. Wie Maria Vercammen precies is hebben we niet kunnen vinden omdat er niet veel aanknopingspunten zijn met mogelijke familieleden.

 

Figuur 3 Huwelijksakte Martinus Mylemans & Maria Verkammen, Lier, 22 september 1658

 

In de jaren volgend op hun huwelijk krijgen Merten en Maria 5 kinderen, allemaal jongens die in Lier worden gedoopt.

  1. Cornelius (6 september 1659 – voor 15 november 1692)

  2. Adrianus (23 december 1660 – tussen 2 januari en 21 april 1696)

  3. Martinus (7 maart 1663 – voor 15 november 1692)

  4. Joannes (2 augustus 1665 – 28 november 1665)

  5. Joannes (28 november 1666 – 3 december 1666)

Bij de doopheffers van Mertens kinderen herkennen we enkele namen uit de nabije familie.

  • Adrianus Vercammen, hoogst waarschijnlijk de vader of een broer van Maria, is dooppeter van Adrianus Mylemans.

  • Martinus Dom, de man van Mertens oudste zus Catharina, is dooppeter van Martinus.

  • Catharina Van Loo, is misschien de vrouw van Adrianus Vercammen. Zij is de doopmeter van Martinus Mylemans.

  • Jan Vermeylen (wellicht moet dit Jan Mylemans zijn, Mertens oudere broer), is dooppeter van Joannes (°1665).

  • Martinus Dom, de man van Mertens oudste zus Catharina, springt in bij het doopsel van Joannes (°1666), waar hij optreedt in de naam van Joannes Meylemans, Mertens oudere broer, die de eigenlijke dooppeter is.

Merten was wellicht één van de eerste Mylemans-en die zich in de stad Lier vestigde. Zijn naam wordt in de huwelijksakte en in de geboorteakte van de drie eerste kinderen als “Myelemans” geschreven. Pas van 1665 zien we de schrijfwijze “Meylemans” in de parochieregisters.

Het gaat Merten in Lier financieel voor de wind, want in 1660 doet hij enkele belangrijke aankopen. Op 24 februari van dat jaar sluit hij bij notaris Courtoys te Lier de aankoop af van het eigendomsaandeel dat zijn oudste broer Adriaen heeft in een woonstede met huis en toebehoren. Deze plek wordt beschreven als de plaats waar Adriaen op dat ogenblik woont.
Slechts enkele dagen later, op 2 maart 1660, wordt voor de schepenbank van Berlaar de verkoop geregistreerd waarbij Adriaen en Jan Mylemans hun erfdeel in de Tallaarthoeve verkopen aan Merten. Die hoeve hadden Adriaen, Jan, Peeter en Merten gezamenlijk geërfd. Peeter is de enige die zijn erfdeel behoudt. Merten wordt zo voor ¾ eigenaar van het ouderlijke huis.

Maar het noodlot treft Merten vrij snel. Kort na de geboorte van het jongste kind overlijdt Merten op 43-jarige leeftijd. Hij wordt vermoedelijk op 24 november 1667 te Lier begraven. Op die datum vinden we in de kerkadministratie van de Sint-Gummaruskerk inkomsten voor de begraving van Merten Vermeylen. Dat moet wellicht Merten Mylemans zijn.

Met verschillende kleine kinderen hertrouwt Mertens weduwe, Maria Vercammen, dan ook vrij snel. Op 10 november 1668 trouwt ze in Lier met Laureys Van den Brande en met hem heeft ze nog 4 kinderen: Joannes (°1669), Guilielmus (°1672), en een tweeling Petrus en Elisabeth Van den Brande (°1674).

Op de dag dat Maria Vercammen hertrouwt, wordt er ook een inventaris gemaakt van de bezittingen van Merten Mylemans om de erfrechten van zijn nog levende kinderen te bepalen. Naast Maria Vercammen zijn ook Adriaen Mylemans en Adriaen Vercammen aanwezig als voogden over de minderjarige kinderen. De schatting wordt uitgevoerd door 2 gezworen schatters en genoteerd door notaris Courtoys te Lier.
Deze inventaris leert ons dat Merten Mylemans in de binnenstad van Lier woonde (“… wijlen Merten Mijlemans overleden binnen deser stadt Lijer …”) en dat hij geen landbouwer was, want tussen de geïnventariseerde goederen zijn er geen koeien of werktuig dat door een landbouwer gebruikt wordt. Merten moet bijna zeker kleermaker geweest zijn. Wie anders had een “lapscheer” (een schaar voor stoffen) en een strijkijzer? Er worden ook enkele dure stoffen opgesomd zoals perpetuaan – een duurzame, driedradige wollen stof die in Engeland vervaardigd werd – of laken – een stof geweven van wollen garen en dat door volling een wollig en viltig oppervlak krijgt. Er ligt nog een voorraad van 19 el wit lijnwaad. Dat is bijna 13 meter. Voor die tijd is er ook best wat luxe in huis. Dat bewijzen o.a. de “gardijnen” die in één adem met het bed worden vernoemd. Merten en Maria sliepen hoogstwaarschijnlijk in een bed met gordijnen, niet in een alkoof. Een kleermaker kon die gordijnen zelf maken en liet zo ook zijn vakmanschap zien aan potentiële klanten. Verder is er in deze inventaris ook sprake van een “silver agnus dei”, een zilveren beeldje van het lam gods.
Merten was zeker in goeden doen want naast de inboedel bezat hij ook 2 obligaties van telkens 100 gulden die anderen hem schuldig waren en lag er ook 200 gulden cash geld in huis. Daarenboven was hij eigenaar van een woonstede met huis op Tallaart en was hij voor ¾ eigenaar van de Tallaarthoeve van zijn ouders.
Zo blijft er naast het deel dat Maria Vercammen toekomt nog 642 gulden en 1 stuiver te verdelen onder de 3 nog in leven zijnde kinderen waarover de inventaris het heeft. Gezien de begraafakten van Lier in de periode voor 1733 niet meer bestaan is de kerkadministratie van de Sint-Gummaruskerk een interessante bron omdat hierin o.a. de inkomsten verbonden aan begravingen vermeld staan. Van deze kerkadministratie hebben we een transcriptie en daarin vinden we op 28 november 1665 de begraving van een kind van Merten Vlylemans. Dat moet bijna zeker Merten Mylemans zijn. De voornaam van het kind wordt niet vermeld. Wellicht gaat het om Joannes (° 2 augustus 1665). We vinden ook de begraving van een tweede kind van Merten Meylemans op 3 december 1666. Hier gaat het wellicht om Joannes (° 28 november 1666).

 

Figuur 4 Bewijs van goed gedrag voor Merten Mylemans, Mertenssone - 2 februari 1682

 

Van Mertens zoon Merten vonden we in het stadsarchief van Lier nog bewijs van goed gedrag. Op 2 februari 1682 levert de schepenbank van Lier aan hem zo’n certificaat af. Merten de jonge is dan 19 jaar. Kort samengevat staat hier dat Merten de jonge in de stad Lier geboren is uit een wettig huwelijk van katholieke ouders. Zijn vader Merten de oude was zelf poorter en inwoner van de stad Lier.  Merten de jonge heeft zich steeds als een eerlijk burger gedragen. Hij is net als zijn vader kleermaker van beroep. Waarom hij dit certificaat nodig had is niet echt duidelijk. Vermoedelijk is hij uit Lier vertrokken om ergens anders als kleermaker aan de slag te gaan en diende zijn certificaat om te bewijzen dat hij zijn leertijd als kleermaker volbracht had.

Met uitzondering van Adriaen, sterven de andere kinderen van Merten op jonge leeftijd. Dat weten we omdat op 15 november 1692 de Tallaarthoeve verhuurd wordt aan Peeter Mylemans de jonge. De verhuurders zijn Adriaen Mylemans, Mertenssone, en Peeter Mylemans de oude. Adriaen is na het overlijden van zijn vader dus alleen eigenaar geworden van de ¾ die zijn vader in de Tallaarthoeve bezat. Zijn broers zijn m.a.w. al eerder gestorven.

Ook van Adriaen Mylemans vinden we geen begraafakte. Toch kunnen we de periode waarin hij gestorven is plaatsen tussen 2 januari en 21 april 1696. Op 2 januari 1696 maakt Adriaen een testament op met de hulp van notaris Maarten Verbeeck te Antwerpen. Dat testament vertelt ons nog enkele nieuwigheden over Adriaen. Hij woont op dat moment in de Sint-Rochusstraat in het centrum van Antwerpen, dicht bij de zuidelijke stadswal. Het is in dat huis dat de notaris zijn testament opschrijft. Met grote waarschijnlijkheid werd Adriaen dus begraven te Antwerpen in de Sint-Jorisparochie, want daar moesten er volgens het testament 6 missen gedaan worden ter zijner nagedachtenis, net als in Lier trouwens waar hij lang gewoond had. De begraafakten van de Sint-Jorisparochie uit de periode voor 1702 zijn echter verloren gegaan.

 

Figuur 5 Parochiegrenzen in Antwerpen tijdens het Ancien Régime
De Sint-Jorisparochie in het lila, de Sint-Rochusstraat in het groen

 

Adriaen is nog maar pas 35 jaar geworden en hij is niet getrouwd, want het testament zegt dat hij “jonkman” is. Hij ligt ziek te bed en schrijft zijn naam met bevende hand aan het einde van dat testament. Adriaen is schoenmaker, want hij “laet ende maeckt aenden voors Jan Van Rompay alle ende iegelijcke syne schoenmaecker gereetschappen” na. Hij heeft ook een andere schoenmaker gevraagd om getuige te zijn bij het opstellen van zijn testament.

 

Figuur 6 Handtekening van Adriaen Mylemans uit 1692

 
 

Figuur 7 Handtekening van Adriaen Mylemans uit 1696

 

Zijn halfbroers Guilliam en Peeter Van den Brande worden in het testament de “eenige ende universele erffgenaemen” genoemd. Wat ze precies erven wordt niet opgesomd, maar buiten de legaten en de uitstaande schulden zullen ze dus alles erven wat er nog overbleef. Gezien Adriaen erg gul was voor verschillende mensen is het vermoeden groot dat zijn nalatenschap substantieel was. We weten met zekerheid dat de ¾ van de Tallaarthoeve er ook toe behoorde.

Op 21 april 1696 wordt het eigendomsaandeel dat Adriaen in 1692 nog in bezit had verkocht ten voordele van Guilliam en Peeter Van den Brande. De notarisakte waarin deze verkoop beschreven staat spreekt over wijlen Adriaen Mylemans, die dus tussen 2 januari en 21 april 1696 moet overleden zijn. Toch weet Peeter Mylemans de oude via een openbare verkoop alleen-eigenaar te worden van de ouderlijke hoeve en ze zo weer voor een tijdje in het bezit van de familie Mylemans te houden.

Na het overlijden van Adriaen Mylemans in 1696 blijft er van de familietak van Merten Mylemans niemand meer in leven.

 

Stamboom van Merten Mylemans (Generaties 2 en 3)

 
 

Verwante artikelen

Bronnen

De bronnen waarop dit artikel is gebaseerd staan hieronder volgens soort (doopakten, huwelijksakten, begraafakten, schepenakten, enz.) en binnen elke soort in chronologische volgorde.

Doopakten

Huwelijksakten

Begraafakten

Schepenakten

  • 26 januari 1637 – Jan Mylemans wordt door de schepenbank van Berlaar aangesteld als voogd over de minderjarige kinderen van Hendrick Mylemans en Margriet Vande Wouwer
    https://www.familysearch.org/ark:/61903/3:1:3QHV-J38C-YQNF?i=201&cat=39967

  • 18 september 1642 – Verdeling van de nalatenschap van Hendrick Mylemans te Berlaar
    https://www.familysearch.org/ark:/61903/3:1:3QHV-V38C-Y3GZ?i=444&cat=39967

  • 16 mei 1676 – Adriaen Mylemans en Adriaen Vercammen verhuren het ¾ deel van de Tallaarthoeve ten voordele van de minderjarige kinderen van Merten Mylemans
    Uit het Stadsarchief van Lier: SAL 16641

  • 02 februari 1682 – Bewijs van goed gedrag voor Merten Mylemans Mertenssone te Lier
    Uit het Stadsarchief van Lier: SAL 1286 748

  • 15 november 1692 – Adriaen Mylemans, zoon van Merten, verhuurt ¾ van de Tallaarthoeve aan Peeter Mylemans de jonge.
    Uit het Stadsarchief van Lier: SAL 1429 2

Notarisakten

Staten van goed

Boeken

  • Geschiedenis van de Antwerpse straatnamen, Robert Vande Weghe, Uitgeverij Mercurius, 1997


Vorige
Vorige

Myriam Meylemans: Een leven vol creatieve ontdekkingen