Een taart met negentig kaarsjes voor bakkerij Mijlemans te Kontich

Ilse Van Weert

Inleiding

Emilius ‘Mil’ Casimirus Persijn had wellicht nooit kunnen vermoeden dat zijn bakkersbloed zo sterk zou zijn dat zijn achterkleinzoon anno 2024 nog dezelfde stiel zou uitoefenen. Want zo geschiedde.  Johan Mijlemans stapte in de voetsporen van zijn vader, grootvader en overgrootvader en houdt de bakkerstraditie al voor de vierde generatie in stand. Terwijl er in vele dorpen geen warme bakkers meer te vinden zijn, kunnen de Kontich-Kazernenaren nog steeds genieten van ovenverse broden, pistolets en heerlijke patisserie van bakkerij Mijlemans, een goed draaiende zaak die al sinds 1934 bestaat. Op 13 december 2024 bliezen Johan en zijn medewerkers negentig kaarsjes uit op de zelfgebakken feesttaart!

Het prille begin

Het begon allemaal toen de dertigjarige Emiel Persijn op 25 februari 1905 de herberg-bakkerij ‘De Lelie’ overkocht van de 86-jarige Cornelius Franck.  Het pand lag naast de spoorweg, in het verlengde van de Dorre Eikstraat, op grondgebied Lint. Daar was in die tijd een oversteekplaats met een slagboom.

 

Figuur 1 Links de bakkerij-herberg “De Lelie” in het begin van de 20e eeuw.

 
 

Figuur 2 Emiel Persijn

 

Emiel was toen ook al eigenaar van de herberg ‘Het huis ten halve’ in Lint. Deze herberg werd afgebroken voor de heraanleg van de Liersesteenweg. Brood bakken was zijn hoofdbezigheid en drie van zijn zeven kinderen kozen voor hetzelfde beroep. Het noodlot sloeg toe toen zijn vrouw Maria Antonia Van den Eynde op 38-jarige leeftijd overleed. Voor Emiel brak er een zware tijd aan, want hij bleef achter met zeven kinderen. De oudste was pas veertien en de jongste amper zeven jaar. In 1929 liet hij zijn zaak over aan zijn zonen August ‘Gustaaf-Staf’ en Armand ‘Mane’.  Achiel begon een eigen bakkerszaak in Hove. Voor vader Emiel was het allemaal te veel geworden en twee jaar later benam hij zich het leven.

 

Figuur 3 Staf Persijn als jonge man

 
 

Figuur 4 v.l.n.r. Armand ‘Mane’, Achiel, Gustaaf ‘Staf’ en René

 

1934 Een nieuwe bakkerij in Kontich-Kazerne

Staf en Mane woonden beiden met hun gezin in het huis bij de bakkerij en het café. Stilaan drong de nood zich op dat één van de twee gezinnen zich elders zou moeten gaan vestigen.  Er werd ‘steksketrek’ gedaan en zo liet men het lot bepalen wie in Lint mocht blijven en wie moest vertrekken.  Gustaaf trok aan het kortste eind.  Hij verkocht zijn deel van de erfenis aan Mane en verhuisde met vrouw Margaretha Janssens en kinderen, Maria, Achiel, Alice en Irena, naar de Kapelstraat nummer drie in Kontich-Kazerne. Daar begon hij - 90 jaar geleden - in 1934 een eigen bakkerij. In die tijd bakte men nog in stenen ovens en gebeurde alles nog met de hand.  Hard labeur in vergelijking met de moderne toestellen en voorzieningen van vandaag. Wat niet wegneemt dat de bakkersstiel nog steeds hard werken is.

 

Figuur 5 De originele bakkersoven van Emiel Persijn (later van Mane) die werd overgebracht naar het Heemkundig museum van Lint.

 

Toen zoon Achiel oud genoeg was, hielp hij zijn vader in de bakkerij. Maar ook de meisjes moesten hun duit in het zakje doen en werden, zodra ze veertien jaar waren, op ‘broodtoer’ gestuurd. Met een gevulde linnen zak over de schouders reden ze per fiets tot bij de klanten om brood te bezorgen. Lang uitslapen was er niet meer bij want elke morgen werden de nog warme, versgebakken broden en pistolets al vanaf zes uur aan de voordeur afgeleverd. Er werd ook met paard en kar rondgereden. Alice herinnerde zich nog hoe ze, met een grote bak op haar fiets, brood ging leveren in verschillende Kontichse winkels, maar ook aan particulieren. In de oorlogsjaren werd er ‘onder de toog’ witte bloem verkocht. Het was dan Alice’s taak om deze urenlang te ziften en mee te gaan leveren bij gegoede klanten. Op de dag van Sint Hubertus kwam mijnheer pastoor in de bakkerij om de broden te wijden. Later reden ze zelf met volle manden naar de kerk.
Moeder Margaretha, ‘Margriet van den bakker’, deed de winkel.  Lange tijd was het ook een kruidenierswinkel waar je onder andere broodbeleg, conserven, wijn, sterke dranken en koffie kon kopen. De ‘charcuterietoog’ van vandaag is daarvan nog een overblijfsel. Toen zoon Achiel voor een ander beroep koos, zag vader Staf zijn hoop op opvolging in zijn eigen zaak even in rook opgaan. 

Emmanuel Mijlemans komt in de zaak

Maar dan verscheen redder Cupido in de gedaante van een bakkersgast uit Boechout: Emmanuel ‘Manuel’ Mijlemans. Zijn pijlen misten hun doel niet en raakten het hart van dochter Alice. Een voltreffer, want in 1958 nam het jonge koppel de zaak over en was het voortbestaan van de bakkerswinkel verzekerd.

 

Figuur 6 Alice en haar moeder voor de winkel

 

De keuze aan brood en patisserie werd uitgebreid en er kwam een gast in dienst. De drie dochters Ria, Ingrid en Christel waren al flinke meisjes toen er, als ‘kers op de taart’, nog een broertje bij kwam: Johan. Alice had haar handen meer dan vol met het beredderen van het huishouden in combinatie met de winkel. De jaren verstreken en de kleine kinderen werden groot. De meisjes werden mee ingezet in de broodtoer en hielden ondertussen hun kleine broer in het oog. Johan was vaak in de bakkerij bij zijn vader te vinden en mocht regelmatig ook mee om brood rond te brengen. Terwijl de meisjes één voor één het nest verlieten, startte Johan een bakkersopleiding aan het Coloma-instituut in Mechelen. In juni 1990, toen hij 20 jaar oud was, nam hij de zaak over. Vader Manuel bleef hem zoveel hij kon met raad en daad bijstaan. Geen vanzelfsprekendheid want er werd kanker bij hem vastgesteld en de ziekte eiste hoe langer hoe meer van zijn krachten.  Bakker Manuel overleed in 1996, op 67-jarige leeftijd.

 

Figuur 7 Alice, Johan en Manuel

 
 

Figuur 8 bakker Manuel Mijlemans

 

Johan zet de zaak verder

Maar Alice en Johan lieten de moed niet zakken en zetten kranig door. Johan in de bakkerij en Alice achter haar vertrouwde winkeltoog. In Kontich-Kazerne was ze doorheen de jaren gekend en geliefd als ‘Aliceke van den bakker’.  Altijd vriendelijk, altijd klaar voor een praatje en een luisterend oor. Toch was het voor Alice, na een leven van hard werken met amper tijd voor zichzelf, tijd geworden om aan pensioen te denken. In het jaar van de eeuwwisseling hing ze haar schort aan de haak en trok ze de deur van de bakkerij achter zich toe. Aliceke genoot nog een 15-tal jaar van het leven tot ze in 2016 aan kanker overleed.

 

Figuur 9 Alice in de bakkerswinkel

 

Om bij te blijven met de moderne technieken, voor het vergemakkelijken van het werkcomfort en omdat zowel het interieur als de voorgevel naar een opfrisbeurt snakten, drong vernieuwing zich op.  In 2003 werd de bakkerij grondig gerenoveerd en vergroot. Een vernieuwde voorgevel, ruimere uitstalramen, een nieuwe toog en modernere winkelinrichting gaven de zaak een hedendaagse uitstraling.  De werk- en opslagruimte werd uitgebreid en enkele nieuwe machines werden aangekocht. In 2010, bij de viering van het 75-jarige bestaan, schitterden de winkel en de bakkerij als nooit tevoren.

En ondertussen zijn we weer vijftien jaar verder en bestaat de zaak negentig jaar.  De klanten die op zondagochtend tot buiten toe staan aan te schuiven kunnen hun ogen de kost geven aan de mooi versierde winkeletalage, aangepast in het thema van het tijdstip van het jaar. Achter het glas van de toonbank pronkt het resultaat van de nachtelijke arbeid van bakker Johan. Het rijkelijke aanbod heeft ongetwijfeld reeds menigeen keuzestress bezorgd. Maar liefst twaalf verschillende broodsoorten, sandwiches, pistolets, Frans brood en croissants. Patisserie in alle vormen, kleuren en smaken. Koffie- en andere soorten koeken. Naargelang de feestperiode kan je er speculaas, specfour (een Kontichse lekkernij volgens geheim recept), worstenbrood, chocolade mannetjes of eitjes en ander lekkers verkrijgen.

Het bakkersberoep is een zware stiel: vroeg opstaan, onregelmatig slapen en een beperkt sociaal leven. Het vraagt een sterke discipline om het vol te houden, maar Johan heeft het zich nog geen dag beklaagd.

Hij koos er bewust voor om de bakkerij klein en bescheiden te houden om alzo financiële risico’s te vermijden en de stabiliteit van zijn zaak te kunnen bewaren.

 

Figuur 10 Johan bij de kneedtafel

Figuur 11 Johan bij de oven

 
 
 

Is de toekomst van de bakkerij verzekerd?

Vier generaties bakkerstraditie en negentig jaar bakkerij Mijlemans in Kontich-Kazerne: overgrootvader Emiel zou ongetwijfeld heel trots geweest zijn.

Hoewel Johan zelf geen kinderen heeft, koestert hij toch de stille hoop zijn zaak ooit te kunnen overlaten.  Zijn partner Ira heeft wel een zoon en Johan hoopt dat de opvolging verzekerd is. Afwachten maar of haar zoon binnen enkele jaren ook de bakkersmicrobe voel kriebelen!

 

Figuur 12 Jahan Mijlemans en Ira Sels

 
 

Figuur 13 Het streekproduct Kontichse specfour

 

Stamboomoverzicht

Bakker Johan Mijlemans is een nakomeling in directe lijn van Hendrick Mylemans en diens zoon Joannes. De bloedlijn die 12 generaties telt wordt hieronder getoond.

Hendrick Mylemans (Lier, 19 november 1585 – Berlaar, 7 december 1625)
x (Broechem, 15 juli 1612)
Margriet Vande Wouwer (+ Berlaar, 7 oktober 1636)
7 kinderen
|
3e kind, Joannes Mylemans (Berlaar, 10 mei 1614 - ??)
x (Duffel, 15 september 1643)
Anna De Haes (Duffel, 12 december 1614 - ??)
9 kinderen
|
2e kind, Gommarus Mylemans (Sint-Katelijne-Waver, 27 oktober 1645 – Duffel, 17 september 1676)
x (Sint-Katelijne-Waver, 27 mei 1670)
Anna Ceulemans (Sint-Katelijne-Waver, 10 maart 1636 - ??)
4 kinderen
|
4e kind, Joannes Mylemans (Duffel, 23 juni 1675 – Emblem, 21 december 1723)
x (Kessel, januari 1701)
Gertrudis Stoelens (Kessel, 20 juli 1671 – Emblem, 30 oktober 1723)
6 kinderen
|
6e kind, Petrus Mylemans (Emblem, 26 augustus 1713 – Broechem, 26 oktober 1794)
x (Lier, 4 mei 1738)
Anna Ceulemans (?? – Broechem, 28 augustus 1755)
7 kinderen
|
7e kind, Petrus Mylemans (Broechem, 13 maart 1753 – Broechem, 16 januari 1810)
x (Wommelgem, 1 februari 1780)
Joanna Maria Van Hove (Hovens, Van Hoof) (Wommelgem, 3 september 1750 – Broechem, 22 juli 1830)
7 kinderen
|
7e kind, Joannes Franciscus Mylemans (Broechem, 25 augustus 1794 – Broechem, 29 augustus 1832)
x (Mortsel, 26 januari 1825)
Maria Agatha Jongmans (Retie, 5 februari 1797 – Oelegem, 22 april 1857)
|
Joannes Mylemans (Broechem, 18 juni 1827 – Oelegem, 22 april 1892)
x (Oelegem, 9 mei 1850)
Maria Theresia Hermans (Oelegem, 15 maart 1822 – Oelegem, 28 februari 1866)
4 kinderen
|
1e kind, Joannes Josephus Mylemans (Oelegem, 15 juni 1851 – Schilde, 25 februari 1938)
x (Ranst, 8 januari 1884)
Anna Catharina Mortelmans (Ranst, 25 februari 1860 – Schilde, 14 maart 1928)
8 kinderen
|
7e kind, Ludovicus Petrus Mylemans (Ranst, 6 juli 1897 – Boechout, 20 juni 1966)
x (Vremde, 8 juni 1922)
Elisabeth Maria Josepha Elisa Ouderits (Vremde, 18 maart 1901 – Mortsel, 22 november 1987)
|
Emmanuel Ludovicus Mijlemans (Boechout, 1 september 1929 – Kontich, 9 augustus 1996)
x
Alice Francisca Persijn (Lint, 24 april 1933 – Wilrijk, 4 januari 2016)
4 kinderen
|
4e kind, Johan Mijlemans (°1970)


Nawoord

Ilse Van Weert is een dorpsgenote van bakker Johan Mijlemans en kent hem al van kindsbeen af. Ilse is lid van de plaatselijke heemkring en beheert de facebookgroep "OUD KONTICH-KAZERNE". Het familieverhaal over de bakkersfamilie uit Kontich-Kazerne kwam oorspronkelijk tot stand voor de plaatselijke heemkring ter gelegenheid van het negentig jarige bestaan van de bakkerij in 2024.

We hebben het verhaal van Ilse aangevuld met een stamboomoverzicht van Johan Mijlemans.

We danken Ilse voor het ter beschikking stellen van haar artikel aan De Myle Krant en we wensen Johan en zijn partner Ira nog successvolle jaren in de bakkerij te Kontich.

Volgende
Volgende

Het verhaal van Charles Louis Meylemans